Bloeddruk tijdens windsurfen


bloeddruk tijdens windsurfen

Isometrische spieractiviteit, gripkracht, Valsalva en cardiovasculaire belasting

Wie naar een windsurfer kijkt die met hoge snelheid over het water vliegt, ziet vooral beweging. Het board accelereert, het zeil beweegt, de surfer absorbeert chop en het lichaam reageert voortdurend op veranderingen in wind en water.
Maar fysiologisch gebeurt tegelijkertijd iets wat veel minder zichtbaar is: een aanzienlijk deel van de spieractiviteit is isometrisch of quasi-isometrisch.
De handen houden de giek vast. De onderarmflexoren leveren langdurig kracht. De armen stabiliseren het tuig. De romp creëert spanning tussen zeil en board. De benen houden het lichaam tegen de krachten van het tuig en het water in positie.
Dat heeft consequenties voor de circulatie.
Windsurfen is daardoor cardiovasculair niet alleen een kwestie van hartslag en zuurstofopname. Er kunnen ook aanzienlijke tijdelijke stijgingen van de arteriële bloeddruk optreden.
Dat geldt vooral wanneer verschillende factoren samenkomen:
hoge spierkracht + langdurige isometrische contractie + sterke grip + vermoeidheid + adem vasthouden.
Het resultaat is een interessante fysiologische paradox:
Een windsurfer kan cardiovasculair zwaar belast worden zonder dat dit uitsluitend zichtbaar wordt in de hartslag.
⸻
Dynamische versus isometrische belasting
Bij dynamische spierarbeid wisselen contractie en ontspanning elkaar voortdurend af. Tijdens bijvoorbeeld fietsen zorgt iedere ontspanningsfase ervoor dat de doorbloeding van de spier relatief gemakkelijk kan herstellen.
Bij een sterke isometrische contractie ligt dit anders.
Wanneer een spier langdurig spanning levert zonder veel lengteverandering, worden de bloedvaten binnen de spier gedeeltelijk samengedrukt. Naarmate de contractiekracht toeneemt, wordt de lokale perfusie steeds sterker beperkt.
Hierdoor ontstaat een combinatie van:
* mechanische vaatcompressie;
* verminderde lokale spierdoorbloeding;
* ophoping van metabolieten;
* activering van spierafferenten;
* toename van sympathische activiteit;
* vasoconstrictie in andere vaatgebieden;
* stijging van de arteriële bloeddruk.
Dit mechanisme maakt deel uit van de exercise pressor reflex. Mechanosensitieve en metabosensitieve afferenten uit de actieve spieren sturen informatie naar het cardiovasculaire regelcentrum. Daardoor stijgen onder andere hartfrequentie, vaatweerstand en bloeddruk. (PubMed⁠)
Precies dit mechanisme is bij windsurfen relevant.
⸻
De giek als cardiovasculaire belasting
De giek vormt de mechanische verbinding tussen windsurfer en zeil. Hoewel het trapeze een belangrijk deel van de trekkracht opvangt, blijft de hand- en onderarmmusculatuur continu betrokken bij het controleren, doseren en corrigeren van het tuig.
EMG-onderzoek bij windsurfers laat zien dat onder andere de vinger- en polsflexoren intensief betrokken zijn. De spieractiviteit verandert bovendien afhankelijk van giekdiameter en handpositie. (PubMed Central (PMC)⁠)
Onderzoek op het water bevestigde aanzienlijke activiteit van onder andere:
* flexor carpi ulnaris;
* extensor carpi radialis;
* biceps brachii;
* trapezius;
* tibialis anterior;
* gluteale musculatuur.
Daarbij werden bij windsurfers tijdens verschillende vaarvormen gemiddelde hartfrequenties van ongeveer 145–173 slagen per minuut geregistreerd. (PubMed⁠)
De onderarm vormt fysiologisch een interessant gebied omdat relatief weinig spiermassa gedurende lange tijd aanzienlijke kracht kan leveren.
Een windsurfer die voortdurend te hard in de giek knijpt, verhoogt daarom niet alleen lokaal de vermoeidheid. Hij kan ook de cardiovasculaire respons vergroten.
⸻
Het bijzondere windsurfonderzoek naar bloeddruk
Direct onderzoek naar bloeddruk tijdens modern wave-, freestyle- en slalomwindsurfen is opvallend schaars.
Een oudere, maar fysiologisch bijzonder interessante studie onderzocht windsurfers tijdens uitputtende isometrische belasting op een windsurfsimulator.
Tijdens die belasting steeg de gemiddelde bloeddruk van ongeveer:
114/70 mmHg → 177/93 mmHg.
De hartslag steeg daarbij gemiddeld van ongeveer:
63 → 103 slagen per minuut.
De systolische bloeddruk nam dus met meer dan 60 mmHg toe terwijl de hartslag relatief beperkt steeg. (PubMed⁠)
Dat is een belangrijk gegeven.
Het laat zien dat hartslag alleen de cardiovasculaire belasting van sterk isometrisch windsurfen kan onderschatten.
In hetzelfde onderzoek werd bij harde wind op zee een maximale hartfrequentie tot ongeveer 200 slagen per minuut geregistreerd. De lactaatwaarden bleven daarbij relatief bescheiden. (PubMed⁠)
Het onderzoek dateert uit 1983 en materiaal, techniek en disciplines zijn sindsdien sterk veranderd. De absolute waarden kunnen daarom niet rechtstreeks op de moderne wave-, freestyle- of slalomsurfer worden geprojecteerd.
Maar het fysiologische principe blijft uiterst relevant:
sterke statische spierarbeid kan een forse bloeddrukrespons veroorzaken zonder extreem hoge lactaatwaarden en zonder dat hartslag de volledige mechanische cardiovasculaire belasting weerspiegelt.
⸻
Waarom stijgt de bloeddruk?
Tijdens krachtig windsurfen werken verschillende regelmechanismen tegelijkertijd.
1. Central command
Op het moment dat het centrale zenuwstelsel een krachtige beweging initieert, worden tegelijkertijd motorische en cardiovasculaire centra geactiveerd.
Hartslag en sympathische activiteit stijgen al voordat perifere metabole veranderingen volledig zijn ontstaan.
2. Mechanoreflex
Sterke spierspanning activeert mechanosensitieve afferenten.
Hoe groter de kracht, hoe sterker potentieel dit signaal.
3. Metaboreflex
Wanneer een spier langdurig kracht levert en de doorbloeding relatief onvoldoende wordt, hopen stoffen zoals H+, fosfaat en andere metabolieten zich lokaal op.
Groep III- en IV-afferente vezels reageren hierop.
Het cardiovasculaire systeem antwoordt met verhoogde sympathische activiteit, waardoor onder andere de arteriële bloeddruk stijgt. (PubMed⁠)
Hiermee probeert het lichaam de perfusiedruk te handhaven.
Bij langdurig krachtige grip kan precies zo’n situatie in de onderarmen ontstaan.
⸻
Knijpen is niet hetzelfde als vasthouden
Voor windsurfers is dit onderscheid bijzonder belangrijk.
De giek moet worden gecontroleerd, maar daarvoor hoeft niet voortdurend maximale gripkracht te worden gebruikt.
Een ervaren surfer probeert juist zo veel mogelijk zeilkracht via:
zeil → giek → trapezelijnen → trapeze → romp → benen → board
over te dragen.
De handen dienen dan vooral voor:
* positionering;
* subtiele zeiltrim;
* snelle correcties;
* manoeuvres;
* controle tijdens onverwachte veranderingen.
Wanneer de handen daarentegen continu de functie van het trapeze overnemen, neemt de isometrische belasting van de onderarmen sterk toe.
Dat kan leiden tot:
meer spieractiviteit → slechtere lokale perfusie → snellere metabolietaccumulatie → sterkere metaboreflex → hogere sympathische belasting.
Het bekende gevoel van volledig “verzuurde” of dichtlopende onderarmen is dus niet uitsluitend een lokaal spierprobleem.
Er zit ook een cardiovasculaire component aan.
⸻
En dan komt de ademhaling
Een tweede factor kan de bloeddrukrespons versterken: het onbewust vasthouden van de adem.
Bij explosieve of bedreigend aanvoelende bewegingen verhoogt het lichaam automatisch de rompstijfheid.
Een manier waarop dit gebeurt is verhoging van de intra-abdominale en intrathoracale druk.
Wanneer iemand krachtig probeert uit te ademen tegen een gesloten glottis ontstaat een Valsalva-manoeuvre.
Dat is bij zware krachttraining goed bekend.
Tijdens zeer zware weerstandsinspanning kunnen vaatcompressie, de exercise pressor reflex en verhoogde intrathoracale druk samen zeer grote arteriële drukschommelingen veroorzaken. (PubMed⁠)
Windsurfen is geen powerlifting.
Maar elementen ervan kunnen wel op kleinere schaal dezelfde richting op werken.
Denk aan:
* een harde catapult proberen te voorkomen;
* maximaal aantrekken van de giek;
* agressief accelereren;
* een krachtige laydown-gybe;
* de afzet voor een forward loop;
* een zware freestylepop;
* een landing stabiliseren;
* overpowered door chop varen.
Juist tijdens zulke momenten ontstaat gemakkelijk:
grip + co-contractie + rompstijfheid + ademstop.
⸻
De windsurfer ademt soms minder dan hij denkt
Dit is waarschijnlijk een onderschat aspect van windsurftechniek.
Tijdens technische stress kunnen sporters hun ademhaling onbewust blokkeren.
Dat gebeurt vooral wanneer:
* de beweging nieuw is;
* de controle onzeker is;
* maximale kracht wordt gevraagd;
* angst of anticipatie aanwezig is;
* vermoeidheid toeneemt.
Een korte ademfixatie kan functioneel zijn om de romp tijdelijk te stabiliseren.
Maar herhaald of langdurig adem vasthouden tijdens krachtige isometrische belasting is cardiovasculair minder gunstig.
Vooral bij windsurfers met hypertensie of cardiovasculaire risicofactoren is dit relevant.
ACSM waarschuwt daarom ook bij krachttraining voor langdurig adem vasthouden en een uitgesproken Valsalva tijdens zware spierinspanning vanwege de hoge bloeddrukrespons. (ACSM⁠)
⸻
Slalom: langdurige drukbelasting
Van de drie disciplines vormt slalom waarschijnlijk het duidelijkste voorbeeld van langdurige quasi-isometrische belasting.
De surfer staat lange tijd:
* ingehaakt;
* in de voetbanden;
* tegen grote zeilkrachten;
* met hoge boardsnelheid;
* onder hoge trekkracht;
* met continue posturale correcties.
De benen, romp, schoudergordel en onderarmen leveren daarbij langdurig spanning.
Bij goed getrainde slalomsurfers wordt een groot deel van de externe kracht door het trapeze en het skelet-musculaire systeem opgenomen. Toch blijft de handgrip noodzakelijk om het tuig te controleren.
Een overpowered slalomrak vraagt daarom cardiovasculair iets anders dan alleen “een hoge hartslag”.
Het is een combinatie van dynamische belasting en langdurige statische componenten.
Ook wedstrijden kunnen hoge cardiovasculaire intensiteiten bereiken. Onderzoek bij wedstrijdwindsurfen laat zien dat windsurfen tijdens intensieve wedstrijdsituaties hartfrequenties van meer dan 80–85% van HRmax kan vragen. (PubMed⁠)
Voor slalom betekent dit praktisch:
duurvermogen én lokale isometrische efficiëntie zijn relevant.
Niet zo hard mogelijk knijpen, maar zo efficiënt mogelijk krachten doorgeven.
⸻
Wave: cardiovasculaire pieken in een chaotische omgeving
Wave heeft een ander belastingsprofiel.
Een waveboard vraagt voortdurend aanpassing aan:
* chop;
* golfhelling;
* versnelling;
* vertraging;
* aerials;
* bottom turns;
* cutbacks;
* sprongen;
* landingen;
* waterstarts.
De belasting is daardoor minder gelijkmatig dan bij lange slalomrakken.
Tijdens een relatief ontspannen uitvaart kan de belasting gematigd zijn, waarna binnen seconden een zeer krachtige episode ontstaat.
Bijvoorbeeld:
afzetten → springen → rotatie → landing → onmiddellijk opnieuw trimmen.
Tijdens zulke momenten kan kortdurend zeer hoge neuromusculaire spanning ontstaan.
Een andere belangrijke wave-specifieke situatie is een zwaar bevochten waterstart in branding. De surfer houdt het zeil vast, trekt, stabiliseert het lichaam en probeert tegelijkertijd tegen wind, water en stroming in voldoende positie te krijgen.
Wanneer daarbij de adem wordt vastgezet en maximaal aan de giek wordt getrokken, ontstaat potentieel een aanzienlijke pressorrespons.
Wave is daarom cardiovasculair waarschijnlijk het beste te beschrijven als:
intermitterend, sterk variabel en piekbelast.
⸻
Freestyle: explosieve isometrie
Freestyle heeft opnieuw een ander profiel.
Voor een manoeuvre worden in zeer korte tijd hoge krachten ontwikkeld:
* board laden;
* tuig positioneren;
* pop genereren;
* roteren;
* giek vasthouden;
* landing controleren.
De spierarbeid is daarbij niet puur isometrisch. Integendeel: freestyle bevat veel explosieve dynamische contracties.
Maar rondom die explosieve beweging zit vaak een zeer krachtige stabiliserende co-contractie.
Juist vlak voor een manoeuvre kan bovendien anticipatoire spierspanning ontstaan.
Een freestyle-sessie bestaat daarmee uit een afwisseling van:
relatief herstel → acceleratie → hoge spierspanning → manoeuvre → landing → herstel.
De bloeddrukrespons zal daardoor waarschijnlijk sterker pulseren dan tijdens een lange slalomrun.
Directe invasieve bloeddrukmetingen bij modern freestylewindsurfen ontbreken echter. Dit profiel is daarom een fysiologisch onderbouwde extrapolatie en geen rechtstreeks gemeten discipline-specifieke bloeddrukcurve.
⸻
Wave, freestyle en slalom naast elkaar
Grofweg kunnen we het cardiovasculaire profiel daarom als volgt zien:
Slalom
Meer langdurige quasi-isometrische belasting, hoge trekkrachten, langdurige grip en langdurige cardiovasculaire belasting.
Wave
Meer onregelmatige belasting met korte krachtige episodes, landingen, waterstarts en onverwachte maximale correcties.
Freestyle
Veel explosieve neuromusculaire pieken met korte perioden van zeer sterke grip, rompstijfheid en co-contractie.
Dit zijn geen absolute categorieën. Windsterkte, zeilgrootte, niveau, materiaal en techniek kunnen het profiel volledig veranderen.
Een overpowered wavesessie kan bijvoorbeeld veel meer statische belasting opleveren dan een technisch ontspannen slalomtraining.
⸻
Hoge bloeddruk tijdens inspanning betekent niet automatisch dat training slecht is
Hier ontstaat een belangrijk onderscheid.
Acute bloeddrukrespons en chronische bloeddrukadaptatie zijn twee verschillende fenomenen.
Tijdens zware isometrische inspanning kan de bloeddruk aanzienlijk stijgen.
Maar regelmatige training kan de rustbloeddruk juist verlagen.
Meta-analyses naar isometrische handgriptraining rapporteren bijvoorbeeld klinisch relevante dalingen van de rustbloeddruk. Een recente analyse van 31 studies met in totaal 905 deelnemers vond gemiddeld ongeveer −5,4 mmHg systolisch en −2,7 mmHg diastolisch. (PubMed⁠)
Andere meta-analyses bij mensen met hypertensie rapporteren eveneens verlaging van de rustbloeddruk na meerdere weken gestructureerde isometrische training. (PubMed⁠)
Dat betekent:
Isometrische spieractiviteit kan tijdens de inspanning de bloeddruk verhogen, terwijl zorgvuldig gedoseerde isometrische training op langere termijn de rustbloeddruk kan verlagen.
Dat is geen tegenstelling.
Het zijn twee verschillende tijdschalen van dezelfde fysiologie.
⸻
Waarom conditie belangrijk blijft
Een windsurfer kan daarom niet alleen trainen op gripkracht.
Een goede aerobe capaciteit helpt het totale cardiovasculaire systeem efficiënter functioneren en verbetert het herstel tussen intensieve acties.
Dat sluit aan bij onderzoek naar wedstrijdwindsurfen.
Tijdens actief zeilpompen zijn zuurstofopname en hartfrequentie bijvoorbeeld sterk verhoogd. Bij Olympische windsurfers steeg de gemiddelde zuurstofopname in een klassiek onderzoek bij pumping tot rond 40–48 ml·kg⁻¹·min⁻¹ en de hartfrequentie tot ongeveer 165–172 slagen per minuut. (PubMed⁠)
Modern wedstrijdonderzoek bevestigt dat windsurfers langdurig zeer hoge relatieve hartfrequenties kunnen bereiken. (Sage Journals⁠)
De beste bescherming tegen lokale vermoeidheid is daarom niet uitsluitend sterkere onderarmen.
Het gaat om het hele systeem:
techniek + aerobe capaciteit + lokale krachtuithouding + ademregulatie + efficiënte krachttransmissie.
⸻
Trainingsimplicaties
Voor wave-, freestyle- en slalomwindsurfers zou ik daarom niet primair trainen op “zo hard mogelijk knijpen”.
De relevantere kwaliteit is:
voldoende kracht kunnen produceren met zo weinig mogelijk onnodige spieractiviteit.
Dat betekent onder meer:
Train maximale kracht
Een hogere maximale kracht kan betekenen dat dezelfde absolute belasting tijdens het windsurfen een lager percentage van je maximale capaciteit vertegenwoordigt.
Train lokale krachtuithouding
Onderarmen, schoudergordel, romp en benen moeten langdurige submaximale spanning verdragen.
Combineer isometrisch en dynamisch
Windsurfen bestaat uit beide.
Denk aan bijvoorbeeld:
* isometrische holds;
* farmer carries;
* rows;
* pull-ups;
* anti-rotatietraining;
* split-squatvarianten;
* dynamische krachttraining.
Niet omdat deze bewegingen op windsurfen moeten lijken, maar omdat ze relevante fysieke capaciteiten ontwikkelen.
Train ademhaling onder belasting
Leer tijdens submaximale krachtproductie doorademen.
Dat hoeft niet geforceerd of overdreven te gebeuren. Het doel is vooral voorkomen dat iedere krachtige actie automatisch verandert in langdurige ademfixatie.
Train ontspanning
Een expert is niet alleen sterk.
Een expert gebruikt kracht wanneer die nodig is en laat spanning verdwijnen wanneer die niet nodig is.
Voor de giekhanden is dat essentieel.
⸻
De praktisch belangrijkste boodschap: grip economy
Misschien moeten we daarom binnen windsurfen meer spreken over grip economy.
Niet:
hoe sterk kun je de giek vastknijpen?
Maar:
hoe weinig gripkracht heb je nodig om het tuig onder controle te houden?
Wanneer de surfer goed in het trapeze hangt, het tuig correct positioneert en niet voortdurend vanuit de armen probeert te varen, vermindert waarschijnlijk de lokale spierbelasting.
Dat kan verschillende voordelen opleveren:
* minder onderarmvermoeidheid;
* minder metabolietaccumulatie;
* minder behoefte aan maximale spieractiviteit;
* langere technische controle;
* mogelijk kleinere pressorbelasting.
EMG-onderzoek waarbij verschillende giekdiameters en handposities werden vergeleken ondersteunt het principe dat relatief kleine technische veranderingen de benodigde onderarmactiviteit kunnen beïnvloeden. (PubMed Central (PMC)⁠)
⸻
Wie moet extra opletten?
Voor een gezonde, goed getrainde windsurfer zijn tijdelijke bloeddrukstijgingen een normaal onderdeel van inspanning.
Dat verandert wanneer iemand bijvoorbeeld bekende hypertensie, cardiovasculaire ziekte of onverklaarde inspanningsklachten heeft.
Met name klachten zoals:
* pijn of druk op de borst;
* onverklaarde benauwdheid;
* duizeligheid of neiging tot flauwvallen;
* hartkloppingen met klachten;
* opvallende inspanningsintolerantie
verdienen medische beoordeling en moeten niet simpelweg als “hard getraind” worden afgedaan.
Mensen met hypertensie kunnen juist veel baat hebben bij bewegen en trainen; regelmatige aerobe en weerstandstraining behoren tot de belangrijke niet-medicamenteuze maatregelen voor bloeddrukmanagement. (ACSM⁠)
Maar bij ongecontroleerde hypertensie of relevante cardiovasculaire aandoeningen verdient de individuele belasting aandacht, juist bij sporten waarin krachtige statische contracties, ademfixatie en plotselinge piekbelasting samenkomen.
⸻
Conclusie
Windsurfen ziet eruit als een dynamische sport, maar onder die beweging bevindt zich een groot netwerk van isometrische spieractiviteit.
De handen houden vast.
De onderarmen stabiliseren.
De romp brengt krachten over.
De benen houden het board onder controle.
Tijdens sterke statische contracties worden bloedvaten lokaal gecomprimeerd. Mechanoreflex en metaboreflex verhogen de sympathische activiteit. De bloeddruk stijgt om de circulatie tijdens de inspanning te ondersteunen.
Wordt daar een sterke grip en ademfixatie aan toegevoegd, dan kan de bloeddruk tijdelijk nog verder toenemen.
De cardiovasculaire belasting van windsurfen is daarom complexer dan de hartslagmeter doet vermoeden.
Slalom kenmerkt zich relatief sterk door langdurige quasi-isometrische belasting.
Wave combineert dynamische belasting met onvoorspelbare cardiovasculaire en neuromusculaire pieken.
Freestyle vraagt herhaald explosieve kracht met krachtige korte perioden van grip en rompstijfheid.
Voor alle drie geldt uiteindelijk hetzelfde trainingsprincipe:
De beste windsurfer is niet degene die voortdurend de meeste kracht gebruikt, maar degene die precies genoeg kracht gebruikt op precies het juiste moment.
Een ontspannen giekhand, effectief gebruik van het trapeze, voldoende maximale kracht, goede lokale spieruithouding, aerobe capaciteit en gecontroleerde ademhaling zijn daarom niet alleen technische of prestatiegerichte details.
Ze maken deel uit van de cardiovasculaire efficiëntie van het complete systeem windsurfer–tuig–board.
⸻
Literatuur
Anastasiou, A., Jones, T., Mullan, P., Ross, E., & Howatson, G. (2025). The cardiovascular response to international Olympic class windsurfing competition. International Journal of Sports Science & Coaching, 20(2). https://doi.org/10.1177/17479541251314256
Carlson, D. J., Dieberg, G., Hess, N. C., Millar, P. J., & Smart, N. A. (2014). Isometric exercise training for blood pressure management: A systematic review and meta-analysis. Mayo Clinic Proceedings, 89(3), 327–334. https://doi.org/10.1016/j.mayocp.2013.10.030
Dyson, R. J., Buchanan, M., Farrington, T. A., & Hurrion, P. D. (1996). Electromyographic activity during windsurfing on water. Journal of Sports Sciences, 14(2), 125–130. https://doi.org/10.1080/02640419608727694
Farah, B. Q., Rodrigues, S. L. C., Silva, G. O., et al. (2017). Acute and chronic effects of isometric handgrip exercise on cardiovascular variables in hypertensive patients: A systematic review. Sports, 5(3), 55. https://doi.org/10.3390/sports5030055
Lin, C.-W., et al. (2026). The optimal dosage of isometric handgrip exercise for blood pressure reduction: Systematic review and meta-analysis. Journal of Clinical Hypertension. https://doi.org/10.1111/jch.70246
MacDougall, J. D., Tuxen, D., Sale, D. G., Moroz, J. R., & Sutton, J. R. (1985). Arterial blood pressure response to heavy resistance exercise. Journal of Applied Physiology, 58(3), 785–790.
Oliveira, P. C., Silva, M. R., Lehnen, A. M., & Waclawovsky, G. (2023). Isometric handgrip training, but not a single session, reduces blood pressure in individuals with hypertension: A systematic review and meta-analysis. Journal of Human Hypertension, 37(9), 844–853. https://doi.org/10.1038/s41371-022-00778-7
Schönle, C., & Rieckert, H. (1983). Cardiovascular reactions during exhausting isometric exercise while windsurfing on a simulator or at sea. International Journal of Sports Medicine, 4(4), 260–264. https://doi.org/10.1055/s-2008-1026046
Teixeira, A. L., & Vianna, L. C. (2022). The exercise pressor reflex: An update. Clinical Autonomic Research, 32(4), 271–290. https://doi.org/10.1007/s10286-022-00872-3
Vogiatzis, I., De Vito, G., Rodio, A., Madaffari, A., & Marchetti, M. (2002). The physiological demands of sail pumping in Olympic level windsurfers. European Journal of Applied Physiology, 86(5), 450–454. (PubMed⁠)
Vogiatzis, I. (2015). Physiological assessment of Olympic windsurfers. European Journal of Sport Science, 15, 228–234. https://doi.org/10.1080/17461391.2014.920925 (PubMed⁠)
Williams, M. A., et al. Exercise and hypertension guidance summarized by the American College of Sports Medicine. ACSM notes the importance of aerobic and resistance exercise for blood-pressure management and cautions against breath holding/Valsalva during strenuous resistance exercise.