Een literatuurstudie naar het voorkomen, ontstaan en de preventie van liespeesklachten bij windsurfers
Inleiding
Binnen de windsurfsport krijgen blessures van de onderste extremiteit traditioneel minder aandacht dan rug-, schouder- en knieklachten. Toch blijkt uit epidemiologische studies dat juist de onderste extremiteit een van de meest getroffen lichaamsregio's is bij zowel recreatieve als competitieve windsurfers. Vooral wave- en freestylewindsurfers lopen een verhoogd risico op spier- en peesblessures als gevolg van sprongen, harde landingen, rotaties en hoge krachten die via de voetbanden op het bewegingsapparaat worden overgebracht. Hoewel adductorentendinitis (adductortendinopathie) zelden expliciet wordt genoemd in de windsurfliteratuur, zijn er sterke biomechanische argumenten om aan te nemen dat deze aandoening regelmatig voorkomt maar ondergerapporteerd wordt.
Dit essay onderzoekt de beschikbare wetenschappelijke literatuur over windsurfblessures en combineert deze met kennis uit de sportgeneeskunde omtrent adductorgerelateerde liesklachten.
Epidemiologie van blessures bij windsurfen
De wetenschappelijke literatuur laat zien dat blessures van de onderste extremiteit behoren tot de meest voorkomende letsels binnen het windsurfen. Zowel oudere als recente onderzoeken beschrijven dat voet, enkel, knie en bovenbeen frequent betrokken zijn bij acute en chronische blessures. Muscle strains en peesletsels vormen daarbij een aanzienlijk deel van alle gerapporteerde blessures.
Dyson et al. onderzochten nationale en internationale wedstrijdsurfers en vonden dat wave- en slalomsurfers gemiddeld tweemaal zoveel blessures opliepen als recreatieve surfers. Opvallend was dat 45% van alle nieuwe blessures bestond uit spier- en peesletsels. De hoogste blessurecijfers werden gezien bij wave- en slalomwindsurfers.
Ook een groot epidemiologisch onderzoek onder meer dan zeshonderd surfers, windsurfers en kitesurfers concludeerde dat de onderste extremiteit de meest voorkomende blessureregio vormt. Vooral geavanceerde manoeuvres en sprongen zorgen voor hoge belasting van spieren, pezen en gewrichten van het onderlichaam.
Anatomie en functie van de adductoren
De adductorgroep bestaat uit de musculus adductor longus, brevis, magnus, gracilis en pectineus. Deze spieren zorgen niet alleen voor adductie van de heup, maar spelen tevens een belangrijke rol bij:
bekkenstabilisatie;
heuprotatie;
krachtsoverdracht tussen romp en benen;
opvang van excentrische krachten tijdens landingen;
controle van asymmetrische houdingen.
Bij windsurfen vormen de adductoren een belangrijke schakel tussen de krachtleverende rompspieren en de benen die via de voetbanden contact maken met het board.
Biomechanische belasting tijdens wavewindsurfen
Wavewindsurfen stelt hoge eisen aan de heupregio. Tijdens bottom turns, cutbacks, aerials en sprongen ontstaan grote krachten die via het board naar de onderste extremiteit worden geleid.
Met name tijdens landingen na sprongen moeten de adductoren excentrisch werken om ongecontroleerde spreiding van de benen te voorkomen. Vaak raakt één voet eerder het boardoppervlak dan de andere. Hierdoor ontstaan rotatiekrachten in bekken en heup, terwijl de adductoren proberen de positie van het been te controleren.
Deze combinatie van excentrische contractie en rotatiebelasting wordt in andere sporten beschouwd als een belangrijk mechanisme voor het ontstaan van adductorpeesletsels.
Daarnaast zorgen golven en onregelmatige wateroppervlakken voortdurend voor onverwachte correctiebewegingen waarbij de adductoren reflexmatig moeten aanspannen om de stabiliteit van het lichaam te behouden.
Biomechanische belasting tijdens freestylewindsurfen
Vanuit blessureperspectief lijkt freestylewindsurfen mogelijk nog belastender voor de adductoren dan wavewindsurfen.
Moderne freestylemanoeuvres zoals de Vulcan, Spock, Flaka, Kono en Air Funnel vereisen:
explosieve afzet;
snelle rotaties van romp en bekken;
asymmetrische landingen;
hoge torsiekrachten in de heup;
plotselinge veranderingen van lichaamspositie.
Tijdens deze manoeuvres worden de adductoren herhaaldelijk blootgesteld aan grote excentrische trekkrachten. Dit mechanisme vertoont sterke overeenkomsten met de belastingpatronen die bekend zijn uit voetbal, hockey en schaatsen, sporten waarin adductortendinopathie frequent voorkomt.
Waarom wordt adductorentendinitis nauwelijks beschreven?
Een opvallende bevinding uit het literatuuronderzoek is dat adductorentendinitis vrijwel nooit als afzonderlijke diagnose wordt gerapporteerd binnen windsurfstudies.
Daarvoor zijn meerdere verklaringen mogelijk:
Ten eerste registreren veel onderzoeken uitsluitend de anatomische regio van de blessure, zoals "lies", "bovenbeen" of "onderste extremiteit", zonder specifieke diagnose.
Ten tweede werden oudere epidemiologische onderzoeken uitgevoerd voordat moderne classificatiesystemen voor liespijn beschikbaar waren.
Ten derde worden chronische adductorproblemen vaak ondergebracht onder bredere diagnosen zoals:
groin pain syndrome;
adductor strain;
sporthernia;
heup-gerelateerde liespijn;
femoro-acetabulair impingement.
Hierdoor is het waarschijnlijk dat een deel van de beschreven liesblessures in werkelijkheid adductortendinopathieën betreft.
Klinische presentatie bij windsurfers
Bij windsurfers presenteert adductorentendinitis zich meestal als een geleidelijk ontstane pijn aan de binnenzijde van de lies of het proximale bovenbeen.
Veelvoorkomende klachten zijn:
ochtendstijfheid in de lies;
pijn tijdens waterstarts;
pijn bij het aantrekken van de benen richting het board;
klachten tijdens duckjibes;
pijn na harde landingen;
verminderde explosiviteit tijdens sprongen;
gevoeligheid ter hoogte van de proximale adductorpees.
In een later stadium kunnen ook wandelen, traplopen en langdurig zitten klachten veroorzaken.
Risicofactoren
Op basis van de beschikbare literatuur lijken de belangrijkste risicofactoren voor adductorgerelateerde klachten bij windsurfers te zijn:
hoog trainingsvolume;
frequent springen;
harde landingen;
overpowered varen;
asymmetrische voetbandinstellingen;
vermoeidheid;
beperkte heupmobiliteit;
verminderde heupendorotatie;
onvoldoende corestabiliteit;
zwakte van gluteus medius;
eerdere liesblessures.
Deze factoren worden eveneens beschreven in andere sporten waarin adductortendinopathie veel voorkomt.
Preventie
Preventie dient zich te richten op het vergroten van de belastbaarheid van zowel de adductoren als de gehele lumbopelvische keten.
Effectieve trainingsvormen zijn:
Copenhagen Adduction Exercise;
zijwaartse lunges;
Bulgarian split squats;
single-leg squats;
dead bugs;
side planks;
Pallof presses;
rotatie- en antirotatie-oefeningen.
Daarnaast lijken een goede heupmobiliteit, correcte afstelling van de voetbanden en een geleidelijke trainingsopbouw belangrijke preventieve factoren.
Voor wave- en freestylewindsurfers verdient ook de techniek van spronglandingen specifieke aandacht. Een gecontroleerde landing vermindert de piekbelasting op de adductoren aanzienlijk.
Conclusie
Hoewel er momenteel geen studies bestaan die specifiek het voorkomen van adductorentendinitis bij wave- en freestylewindsurfers onderzoeken, wijzen epidemiologische gegevens erop dat blessures van de onderste extremiteit en spier-peesletsels veel voorkomen binnen deze disciplines. Wave- en freestylewindsurfen kenmerken zich door hoge excentrische belastingen, rotatiekrachten en asymmetrische landingen, factoren die in andere sporten sterk samenhangen met het ontstaan van adductortendinopathie.
Op basis van de huidige biomechanische kennis is het aannemelijk dat adductorentendinitis bij gevorderde wave- en freestylewindsurfers regelmatiger voorkomt dan de literatuur doet vermoeden. Waarschijnlijk is er sprake van onderrapportage doordat liesklachten vaak onder bredere diagnostische categorieën worden geregistreerd.
Voor fysiotherapeuten, sportartsen en trainers verdient de adductorregio daarom meer aandacht bij zowel diagnostiek als blessurepreventie binnen het windsurfen.
Literatuur
Dyson R, Buchanan M, Hale T. Incidence of sports injuries in elite competitive and recreational windsurfers. Br J Sports Med. 2006;40:346-350.
Nathanson AT, Reinert SE. Windsurfing injuries: results of a paper- and Internet-based survey. Wilderness Environ Med. 1999;10(4):218-225.
Woo CC. Recreational windsurfing-related acute injuries: a narrative review. J Can Chiropr Assoc. 2023;67(2):142-158.
Bompadre V, Meeuwisse W, Romiti M et al. Injury Epidemiology of Athletes in Surfing, Windsurfing and Kitesurfing. Sports Health. 2021.
Minghelli B, Matos JP, Guerreiro JS. Epidemiology of musculoskeletal injuries in windsurfer athletes: study in a World Championship. Medicina dello Sport. 2019;72(4):562-577.
Błażkiewicz A et al. Epidemiology of injuries in the iQFOiL Olympic Windsurfing Class. BMC Sports Science, Medicine and Rehabilitation. 2025.
McArthur K, Jorgensen D, Climstein M, Furness J. Epidemiology of Acute Injuries in Surfing: A Systematic Review. Sports. 2020;8(2):25.
Neville V, Folland JP. The epidemiology and aetiology of injuries in sailing. Sports Medicine. 2009;39(2):129-145.